Inspiratie

‘Te snelle’ invoering Omgevingswet stuit op groeiende kritiek

Auteur: Arend Clahsen. Dit artikel is integraal overgenomen uit het Financiële Dagblad.

Minister Kajsa Ollongren van Binnenlandse Zaken gaf vrijdag een schot voor de boeg. Als het niet lukt de nieuwe Omgevingswet op koers te houden voor invoering op 1 januari, volgt maximaal een half jaar uitstel. De vraag is of het daarbij blijft. Er zijn grote zorgen over ICT-problemen en de kosten van de invoering.

Hoezeer het piept en kraakt, bleek vorige week. In een bestuurlijk overleg met gemeenten, waterschappen en provincies kwam de minister niet tot een akkoord over de datum. En de tijd dringt. De Eerste Kamer buigt zich op 11 mei over de Omgevingswet.

De grootste bron van onzekerheid is het ICT-systeem waar overheden aanvragen, besluiten en vergunningen doorheen moeten laten lopen. Ook zijn er problemen met de praktische uitvoering, blijkt uit pilots. NRC Handelsblad meldde vorige week dat de grootste zes steden vrezen grote hinder te ondervinden bij hun bouwplannen. Maar ook relatief ‘simpele’ klussen zoals het regelen van een vergunning om een boom te kappen, gingen mis tijdens de proef.

“Het is in niemands belang een wet in te voeren waarvan het fundament, het hele technische systeem, nog niet op orde is” zegt een woordvoerder van Bouwend Nederland. Hij wijst op maatschappelijke noodzaak het woningbouwtempo op te voeren. “De huidige stapeling van problemen is echt zorgelijk. De stikstofkwestie is niet opgelost en ook de ruimere beroepsmogelijkheid bij omgevingsbesluiten kan de bouw raken.”

Voor de sector is het een extra probleem dat met de wet een relatief onbeproefd stelsel van kwaliteitsborging ingaat. “Er hadden duizend tests moeten plaatsvinden, maar dat is een fractie geworden. Wij hebben ons neergelegd bij dat stelsel en gaan niet pleiten voor uitstel van de wet. Dat mogen anderen doen, maar nogmaals: het is in niemands belang een wet in te voeren waarvan het fundament niet op orde is.”

Van de 352 gemeenten zijn er 203 aangesloten op het systeem, 183 gemeenten kunnen een aanvraag ontvangen en pas negen gemeenten kunnen een besluit in het kader van de Omgevingswet publiceren. Let wel, dat is acht maanden voor de grote omschakeling.

Hoogleraar en advocaat bestuursrecht Jacques Sluysmans van Van der Feltz advocaten vreest grote problemen. “Alleen al de voorbereiding op de inwerkingtreding van de wet wordt een bijna ondoenlijke operatie voor kleine gemeenten, die maar over een beperkte staf beschikken. Als de wet in werking treedt en mensen en bedrijven lopen bij hun vergunningsaanvraag na drie klikken vast, dan hebben we een groot probleem.”

De nieuwe Omgevingswet heeft als doel de lappendeken aan wetten over milieu, ruimte, bestemmingsplannen en omgeving te vervangen. Dat moet leiden tot vereenvoudiging. “Maar we lopen het risico dat we een systeem dat niet perfect werkt, verruilen voor een ongewis avontuur”, zegt partner Tom Barkhuysen van Stibbe, tevens hoogleraar staats- en bestuursrecht. “Al die wetten hadden elk hun eigen belang. Denk aan de Wet geluidhinder. Geluidhinder is niet opeens minder belangrijk. De normen zijn gebleven en krijgen met de nieuwe wet alleen een ander etiket. Het wordt niet simpeler.”

Sluysmans ziet het juist ingewikkelder worden. “Het wordt een heel dik wetboek. Niemand kan deze hele wet alle regelingen en algemene maatregelen van bestuur overzien. Het is een monstrum. Dat is strijdig met het beginsel dat iedereen wordt geacht de wet te kennen.”